Waarom markten vaak herstellen wanneer niemand het verwacht
Wat de spanningen rond Iran ons leren over angst, verwachtingen en het herstel van markten.
Markten keren zelden wanneer het nieuws goed is. Ze keren meestal wanneer de angst haar werk al gedaan heeft.
Wie lang genoeg naar de beurs kijkt, merkt na een tijdje een vreemd patroon. Markten keren zelden wanneer het nieuws goed is. Ze keren meestal wanneer het nieuws nog slecht is, maar wanneer de angst haar werk al gedaan heeft.
Dat klinkt paradoxaal, maar het gebeurt vaker dan beleggers denken.
Het patroon herhaalt zich
Vandaag zien we opnieuw zo’n moment. De spanningen rond Iran en de dreiging voor de scheepvaart in de Straat van Hormuz hebben plots opnieuw een geopolitieke risicopremie op de markten gezet. Olieprijzen reageren nerveus, transportverzekeringen worden duurder en beleggers vrezen dat een nieuw conflict opnieuw inflatiedruk kan veroorzaken.
Wanneer geopolitiek plots een prijs krijgt, reageren markten bijna mechanisch. Olie stijgt, aandelen worden verkocht en beleggers zoeken veiligheid. Dat is een reflex die we al tientallen jaren zien.
Maar het interessante gebeurt daarna.
Het patroon is altijd hetzelfde: we extrapoleren angst.
Wanneer onzekerheid stijgt
Wanneer de onzekerheid toeneemt, beginnen beleggers scenario’s te bouwen. De olie kan naar 100 dollar, de inflatie kan opnieuw oplopen, centrale banken kunnen renteverlagingen uitstellen. Elk scenario lijkt plots mogelijk.
Het menselijke brein houdt niet van onzekerheid. Daarom proberen we de toekomst te begrijpen door ze te verklaren. En vaak doen we dat door de risico’s verder door te trekken dan de feiten op dat moment rechtvaardigen.
Het patroon is altijd hetzelfde: we extrapoleren angst.
Een observatie na dertig jaar markten
Na meer dan dertig jaar op de markten heb ik één constante gezien: wanneer pessimisme breed gedragen wordt, zit een groot deel van dat pessimisme vaak al ingerekend in de prijzen.
Niet omdat de toekomst plots rooskleurig wordt. Maar omdat verwachtingen zo laag zijn geworden dat de realiteit simpelweg minder slecht hoeft te zijn.
Dat patroon hebben we al vaker gezien.
Na het barsten van de technologiezeepbel in 2002 leek technologie jarenlang een verloren sector. In maart 2009, tijdens de financiële crisis, geloofden weinig beleggers dat aandelen snel konden herstellen. En in maart 2020, midden in de pandemie, leek een wereldwijde economische stilstand onverenigbaar met stijgende markten.
Toch begonnen de markten telkens te herstellen terwijl het nieuws nog somber was.
Waarom markten vooruit kijken
De reden is eenvoudig: markten kijken niet naar het heden, maar naar de toekomst. Maar ze doen iets nog interessanter — ze kijken naar wat iedereen verwacht.
Wanneer iedereen dezelfde donkere toekomst verwacht, hoeft er soms maar weinig te gebeuren om het sentiment te laten kantelen.
In het huidige geval kunnen verschillende elementen het beeld vrij snel veranderen. Een diplomatieke de-escalatie rond Iran kan de geopolitieke risicopremie doen afnemen. Een stabilisatie van de olieprijs kan de inflatievrees temperen. En wanneer inflatie minder hard oploopt dan gevreesd, krijgen centrale banken opnieuw ruimte om hun beleid te versoepelen.
Wat dit betekent voor beleggers
Periodes van onzekerheid zijn geen probleem voor beleggers. Vaak zijn ze juist de bron van de beste kansen.
Omdat de rest van de markt bang is.
Dat vertaalt zich vaak in waarderingen die plots een stuk aantrekkelijker worden, precies omdat iedereen dezelfde dreigscenario’s verwacht.
Mocht de correctie verder aanhouden, dan zullen zich onvermijdelijk opportuniteiten voordoen. Op indexniveau kan dat betekenen dat het interessant wordt om geleidelijk posities in brede wereldindices zoals de MSCI World opnieuw uit te bouwen.
Tegelijk loont het de moeite om te kijken welke sectoren het sterkst onder druk zijn gekomen. Want juist daar ontstaan vaak de beste instapmomenten — zodra het sentiment kantelt.
Dat betekent niet dat je de bodem moet proberen te timen. Maar wel dat geduldige beleggers hun kooplijst best klaar hebben.
De les uit dertig jaar
De geschiedenis van de markten leert ons een eenvoudige les: wanneer de onzekerheid het grootst lijkt, worden meestal de fundamenten gelegd voor het volgende herstel.
Of eenvoudiger gezegd: de beurs keert zelden wanneer het comfortabel voelt om te kopen.
Ze keert meestal wanneer het ongemakkelijk voelt om te blijven zitten.
En precies in die momenten — wanneer het voelt als risico — liggen vaak de grootste kansen.